Woede uiten

De afgelopen acht jaar ben ik allerlei energetische “opschoningsprogramma”s” tegengekomen die beweren allerlei blokkades in de denkgeest te kunnen oplossen. Door de bank genomen gebeurt dit door uitlaatkleppen te faciliteren voor negatieve energieën. Het algemene idee is dat door tijdelijk de emotionele terughoudendheid die de samenleving nu eenmaal vereist los te laten, de denkgeest eindelijk in staat wordt gesteld om zich te bevrijden van “verstrikkingen” (conditioneringen) die misschien vroeger nodig waren om te overleven, maar ons nu alleen maar hinderen. Dat is nog wat anders dan bijvoorbeeld Janos’ Oerschreeuw therapie die in de jaren zeventig en tachtig populair was, waarin je min of meer alle onderdrukte pijn van kindertrauma’s eruit schreeuwt, of Alexander Lowens’ bio-energetica, waarin je fysiek je trauma eruit trapt en slaat. Modernere varianten hiervan richten zich meer op het energetische lichaam, waaronder de chakra’s en de meridianen, als aanvulling op actief lichaamswerk. In het geval van Ayahuasca (uit Zuid-Amerika), komt er zelfs een vloeistof bij kijken die de emotionele terughoudendheid automatisch uitschakelt, wat het proces van loslaten weer ondersteunt. De woede die daarmee vrijkomt is doorgaans behoorlijk indrukwekkend.

Wat mij opvalt als ik “patiënten” dergelijke therapieën zie doen, is dat hoewel ze zeker een geweldige emotionele bevrijding ervaren, het effect vrijwel nooit langer duurt dan een paar maanden. Steeds opnieuw zie ik deze mensen een volgende “energie-intensieve healing therapie” proberen. Steeds opnieuw vertellen ze over een ervaring die zo fantastisch is dat ze zich compleet herboren voelen. Fysieke en emotionele energieën worden weer in balans gebracht of juist geactiveerd. Totdat ze enkele maanden later ontdekken dat er “een volgende laag” in beeld komt die wederom roept om energetische opschoning. Het lijkt nooit te stoppen. Wat is hier aan de hand?

Een cursus in wonderen onderwijst ons dat de oorsprong van pijn altijd in de denkgeest zit, en alléén daar. We ervaren pijn in het lichaam als iets dat fysiek zeer doet, of als disbalans in energie (dat wil zeggen: negatieve emotie, wat beweging van energie is); maar in alle gevallen volgt het lichaam simpelweg de orders van de denkgeest, als een marionet aan touwtjes. Het lichaam is een effect van de denkgeest. Jezus onderwijst ons als volgt: “Wil je vrede, onderwijs dan vrede om vrede te leren.” (T6.V.B). Maar waar is de vrede in de hierboven genoemde therapieën? Hoewel de focus van de denkgeest lijkt te liggen op het opschonen van innerlijke negativiteit, is het woede wat uit het lichaam komt, en het lichaam is een effect van de denkgeest. Dat betekent dat, in elk geval op dat moment, de denkgeest zich richt op woede. Omdat wij altijd leren wat we zelf onderwijzen (leren en onderwijzen zijn hetzelfde, HvL-in.1), instrueert de denkgeest zichzelf in essentie over woede. Dit garandeert dat de disbalans niet werkelijk opgelost zal worden, wat het ego natuurlijk goed van pas komt.

Jezus zou toelichten dat iedere therapie die zich niet eerst en vooral duidelijk richt op een helder antwoord op de vragen: “Wat ben ik?”, en “Wat is het doel van mijn leven?”, vroeg of laat uiteindelijk zal falen. Uiteraard leidt niet één van de bovengenoemde therapieën tot werkelijk blijvende genezing, omdat ze geworteld zijn en blijven in dualisme. Ze mogen misschien onze perceptie (interpretatie) ter sprake brengen en in twijfel trekken, zoals de Cursus ook vaak doet, maar ze twijfelen nooit echt aan de werkelijkheid van tijd en ruimte. Deze therapieën richten zich niet op de fundamentele metafysica van de realiteit. Hun doel mag in lijn zijn met dat van de Cursus (dat wil zeggen, blijvende innerlijke vrede vinden), maar het je voortdurend richten op het uiten van woede om energetisch en emotioneel op te schonen klinkt niet echt als een overtuigend pad naar een denkstaat van blijvende innerlijke vrede.

Het mag hier opgemerkt worden dat Een cursus in wonderen ons niet vraagt om onze emotionele blokkades en onderdrukte pijn uit de kindertijd te negeren. De Cursus vraagt ons niet om dagelijks affirmaties te prevelen zoals “Er bestaat geen pijn, er bestaat geen pijn, er bestaat geen pijn!”. Integendeel, de Cursus gaat voor een belangrijk deel over het kijken naar pijn — behalve dan dat waar we de bron van pijn zoeken, anders is dan in veel moderne therapieën. Nogmaals, pijn is van de denkgeest. Psychische en emotionele blokkades manifesteren zich allereerst in gedachten. Via onze hersenen uiten deze blokkades zich als emoties, die gepaard gaan met fysieke ongemakken en pijn. Maar voor echte opschoning zouden we altijd in de denkgeest moeten beginnen.

Daarom is het zo belangrijk om te begrijpen dat telkens als Jezus ons vraagt om voortdurend naar de denkgeest te kijken, en alert te zijn op elke gedachte die woede oproept (zie bijv. T2.VI.5), hij ons aanspreekt als keuzemaker. Alléén door bewust te kiezen voor juist gericht denken kunnen we “boven het slagveld” (T23.IV.1) naar onze onderdrukte pijn kijken, zonder oordeel. We ontkennen niet wat we in de denkgeest “zien”; we negeren het niet; we leven het ook niet uit (dat zou alleen maar het ego voeden)… we kijken slechts. Jezus vertelt ons in zijn Cursus dat hij alle vergissingen in onze denkgeest kan corrigeren die het licht verbergen (T5.IV.8), als we hem maar toelaten. Dit doen we door voor de Heilige Geest te kiezen, door ervoor te kiezen niet meer te veroordelen.

Een cursus in wonderen gaat hoofdzakelijk over het trainen van je denkgeest om alert te zijn op elke gedachte die niet louter vrede weerspiegelt, en vervolgens een andere keuze te maken. Nogmaals, niet door woede te negeren of uit te leven, maar door zo snel mogelijk Jezus’ helpende hand te kiezen in de denkgeest, en ons eenvoudigweg te vertellen: “Ik moet de verkeerde keuze hebben gemaakt, want ik ben niet in vrede. Ik heb die keuze zelf gemaakt, maar ik kan ook anders kiezen. Ik wil anders kiezen, omdat ik in vrede wil zijn. Ik voel me niet schuldig, want de Heilige Geest zal alle gevolgen van mijn verkeerde keuze ongedaan maken, als ik Hem laat begaan. Ik kies ervoor Hem te laten begaan, door toe te laten dat Hij voor mij voor God kiest.” (T5.VII.6).

Als je dus de onderdrukte pijn van je kindertrauma’s wilt opschonen met resultaten die blijvend zijn, richt je je dan niet primair op emoties of je fysieke lijf: leg je focus in plaats daarvan eerst op de denkgeest. Het klopt dat wij dergelijke pijn niet op eigen houtje kunnen helen (“Vertrouw niet op je goede voornemens. Die zijn niet genoeg”, T18.IV.2:1), maar samen met Jezus / de Heilige Geest hebben we de lamp die deze pijn voorgoed zal wegschijnen (T11.V.1:3). Het enige wat van ons gevraagd wordt is om waakzaam te zijn, van dag tot dag, van minuut tot minuut, voor gedachten die geen innerlijke vrede weerspiegelen. Dergelijke gedachten hebben we maar een paar miljoen keer per dag. Maar zie het zo: dergelijke momenten van gewaarwording zijn fantastische gelegenheden om weer voor liefde te kiezen (vergeving / niet meer veroordelen). En dan onderwijs jij je denkgeest vrede in plaats van woede, en alleen dat kan ware genezing genoemd worden.

Jan-Willem van Aalst, oktober 2016 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s