Blog

De Stem van de Eenheid

In november 2022 is het vierde boek van Jan-Willem van Aalst gepubliceerd door uitgeverij ECIW Breda. De titel is “De Stem van de EenheidHet niet-persoonlijke leven als voorbode van Een cursus in wonderen” (317 pagina’s).


In dit boek breng ik twee spirituele klassiekers samen: “Het niet-persoonlijke leven” (opgetekend in 1914 door Joseph Benner en ten behoeve van dit boek volledig hertaald door mij) en “Een cursus in wonderen” (opgetekend tussen 1965 en 1977 door Helen Schucman en Bill Thetford). De inhoudelijke overeenkomsten tussen deze twee boodschappen zijn op z’n minst opvallend te noemen. Hoewel beide boeken qua vorm (taalgebruik, tijdgewricht) aanzienlijk verschillen, komen ze qua inhoud duidelijk voort uit dezelfde bron: de Stem namens Liefde. Deze Stem vertegenwoordigt God, Christus, de Heilige Geest, en ons ware Zelf, die allemaal als één verbonden zijn. Dit is althans mijn visie.

Lees in dit boek hoe volmaakt en bemind je in werkelijkheid nu al bent; waar je vandaan komt, wat je hier te doen hebt, en hoe je dat in je dagelijks leven in je bewustzijn kunt houden. De mantra: “Wees stil! En weet: Ik ben God” heeft niets van doen met arrogantie, maar alles met de vreugdevolle realisatie van ons ware Erfgoed, dat wij in elke incarnatie hier in ons dragen om uiteindelijk de Verzoening met de Eenheid te aanvaarden. Bemerk in dit boek de Stem van de Eenheid, en besef dat het de stem van je eigen ware Zelf is, die jou leert om je denkgeest te trainen in onvoorwaardelijke vergeving, elke dag opnieuw.

Koos Janson was proeflezer van het manuscript, en zegt er het volgende over:“Jan-Willem van Aalst heeft de energie gehad om een enthousiaste tekst te schrijven, geënt op twee spirituele bronnen die er zijn mogen. Het resultaat is een boek waar lezers oprecht blij van zouden kunnen worden.”

Met veel dank aan Thilly Mercier, die onvermoeibaar ontelbare kleine foutjes wist op te sporen, en her en der suggesties heeft gedaan voor verbetering van de leesbaarheid. Zo’n eindredactrice wens ik iedereen toe!

Dit boek is niet voorzien van een ISBN nummer en kan besteld worden via Uitgeverij ECIW-Breda (e-mail: info@eciw-breda.nl) voor € 24,95 plus verzendkosten. De publicatiedatum is 8 november 2022, het formaat Paperback, 317 pagina’s. Het boek heeft zijn eigen pagina op deze website, zie het menu bovenin.

— Jan-Willem van Aalst, november 2022

..

Advertentie

Penny Wittbrodt over levensdoel

De laatste jaren kom ik veel ervaringsverhalen over nabij-de-dood ervaringen tegen met boodschappen die precies aansluiten op waar ik mij op mijn eigen spirituele ontwakingspad bevind. Geen toeval natuurlijk. Het gaat niet alleen over de simpele realisatie dat er geen dood is, maar vooral over hoe je Gods Liefde in deze illusoire wereld in tijd en ruimte dagelijks kunt weerspiegelen. Deze week heb ik voor Anthony Chene de Nederlandse ondertiteling verzorgd bij zijn recente interview met Penny Wittbrodt, verpleegster in de Verenigde Staten. Haar verhaal bevat volgens mij meerdere zeer belangrijke boodschappen die volledig aansluiten bij het doel van dit “Innerlijke vrede” initiatief. Vandaar dat ik dit interview graag onder de aandacht breng.

Penny vertelt hoe haar nabij-de-dood ervaring (NDE) gebeurde, wat ze daarin en daaromheen heeft ervaren, en waar ze tegenaan liep in haar leven na haar terugkomst. Dat op zich is al interessant genoeg in het licht van het verhitte ‘wetenschappelijke’ debat over de authenticiteit van NDE’s, omdat veel van haar ervaringen overduidelijk niet wetenschappelijk te verklaren zijn. Maar vanuit het oogpunt van de metafysica van Een cursus in wonderen vind ik de inhoudelijke lessen over wat je essentie is (geest), wat je hier te doen hebt (vergeving, aanvaarding van het hier-en-nu, wat op je pad komt als les beschouwen) en hoe je Gods Wil in dit leven manifesteert, minstens zo waardevol. Al met al van harte aanbevolen.

Bij deze dan het interview. Tip: zet in YouTube de ondertiteling aan, en zet de afspeelsnelheid dan op x0.75, want Penny ratelt behoorlijk snel, en sommige stukken zijn dan nauwelijks te volgen. Het interview duurt dan langer dan de aangegeven 63 minuten, maar dat is de extra tijdsinvestering meer dan waard. Aarzel ook niet om een reactie achter te laten op Anthony’s YouTube kanaal, of om hem online een kleine donatie te schenken. Hij doet dit namelijk ook belangeloos, geleid door de Stem van de Heilige Geest.

— Jan-Willem van Aalst, november 2022

Je dagelijkse doel

Hoewel we het ons in het algemeen niet beseffen, staan we elke ochtend op met een gekozen doel om de dag door te brengen. Welk doel dat is, kun je feilloos bemerken aan hoe je je gedurende de dag voelt. Merk je dat je vaak boos, somber of geïrriteerd bent? Dan is je doel vandaag om afgescheidenheid te blijven proberen. Merk je dat je voornamelijk rustig, blij en liefdevol bent? Dan is je doel om je verbinding met God weer te voelen, en het ego niet zo serieus te nemen. Maar je kunt toch ook blij zijn vanuit het ego, zul je zeggen? Zeker, alleen is dat een vreugde die kortstondig is en nooit lang duurt, en vaak ten koste gaat van anderen. Korte pleziertjes zijn van een heel andere orde dan een blijvend gevoel van innerlijke vrede.

Het zal niemand verbazen dat Een cursus in wonderen zich vooral richt op de zelftraining van de student om elke dag weer opnieuw te leren kiezen voor de stem namens Liefde, vanuit een groeiend besef dat elke keuze voor afgescheidenheid en speciaalheid uiteindelijk alleen maar leidt tot ellende en teleurstelling. Niet voor niets heeft werkboekles 287 als titel: “Mijn doel bent u, Vader. U alleen.” Jezus legt daarin de volgende woorden in onze mond: “Welk geschenk zou ik kunnen verkiezen boven de vrede van God? Welke schat zou ik willen zoeken, vinden en bewaren die mijn Identiteit zou kunnen evenaren? En zou ik liever met angst dan met liefde willen leven?” (W-dII.287.1:3-5). Dat klinkt als een gemakkelijke keuze om te maken, toch?

Cursusstudenten zijn net mensen. Ook zij maken nog regelmatig dagen mee waarin ze merken dat ze snel boos, somber of geïrriteerd zijn. Alleen leren Cursusstudenten dat we nooit boos worden om iets buiten ons (ook al lijkt dat oppervlakkig wel zo). Als we deze projectie-naar-buiten doorzien, dan beseffen we dat alle boosheid uiteindelijk een verdediging is tegen de onderliggende angstgedachte die fluistert: “Als ik definitief voor God kies, dan wordt mijn individualiteit vernietigd”. Dus, om nog maar weer eens te bewijzen dat we echt als een afgescheiden autonoom individu bestaan, maken we ruzie of maken we onszelf ziek.

Dit is waarom alle aanval altijd zelfaanval is. Het is ook waarom vergeving uiteindelijk altijd zelfvergeving is. Door jezelf te vergeven voor de duisternis in je eigen denken (en dus je eigen ingebeelde speciale afgescheidenheid niet meer zo serieus te nemen), laat je het Licht van de Heilige Geest weer toe. En dat licht brengt onvermijdelijk de vrede met zich mee die je werkelijk verlangt. Het kan behulpzaam zijn om je daarbij te beseffen dat je ingebeelde angst voor vernietiging een zot verhaal is met geen enkele grondslag in de werkelijkheid. Je ervaart jezelf nu als lichaam, maar je bent niet een lichaam, je bent louter geest. En die geest wordt onvoorwaardelijk bemind en in standgehouden door zijn Schepper. Er valt dus helemaal niets te vrezen.

Maak er dus een gewoonte van goed na te denken over je doel voor de dag: boosheid (eigenlijk: angst) of vrede? Herinner je de inleiding van Hoofdstuk 24 in het Tekstboek: als je voor innerlijke vrede kiest, “…dan is de denkgeest vredig en de toestand waarin God herinnerd wordt bereikt. Het is niet nodig Hem te zeggen wat Hij moet doen. Hij zal niet in gebreke blijven. Waar Hij kan binnentreden is Hij al aanwezig. En is het mogelijk dat Hij niet kan binnengaan waar Hij wil zijn? Vrede zal jouw deel zijn omdat het Zijn Wil is. Kun jij geloven dat een schaduw de Wil kan tegenhouden die het universum geborgen houdt? God wacht niet op illusies om Hem Zichzelf te laten zijn. Zijn Zoon evenmin. Zij zijn.” (T24.in.1:2-11).

Graag nodig ik je uit om de komende paar weken dagelijks te oefenen met het stellen van je doel, en er een gewoonte van te maken om de Heilige Geest om hulp te vragen, “boven het slagveld”, wanneer je ook maar merkt dat je vrede verstoord wordt. Het Handboek voor Leraren verwoordt dat mooi als volgt: “Als je er een gewoonte van maakt waar en wanneer je kunt hulp te vragen, dan kun je erop vertrouwen dat wijsheid jou gegeven zal worden wanneer je die nodig hebt. Bereid je hier elke morgen op voor, herinner je God door de dag heen wanneer je kunt, vraag de Heilige Geest om hulp wanneer dat doenlijk is, en dank Hem ‘s avonds voor Zijn leiding. En je vertrouwen zal waarlijk stevig zijn gefundeerd.” (H29.5:8-10). Veel inspiratie en innerlijke vrede gewenst!

— Jan-Willem van Aalst, oktober 2022

Niet zondig, maar zottig

Een cursus in wonderen onderwijst ons over onze ware essentie als denkgeest die als één verbonden is met al het leven. Tijd, ruimte, materie, zintuigen en perceptie zijn niet van God maar hebben wij zelf verzonnen, als de (metaforische) slapende Zoon van God. We verzonnen een droom van tijd en ruimte waarin we willen ervaren hoe het is om zélf God te zijn. De wereld om ons heen is dan ook niets meer dan een toneelpodium waarin wij allemaal in een bepaald kostuum (lichaam) een klein poosje rondlopen (met dank aan Shakespeare voor de beeldspraak). Echter, zolang we ons nog steeds gedachteloos identificeren als louter een lichaam houden wij ons bewustzijn gevangen in de greep van de vijf zintuigen, en blijven we dromen. Pas zodra de pijn van de droom ons teveel wordt en we uit wanhoop roepen dat er ‘een betere weg’ moet zijn, begint er Licht te dagen in ons denken.

In het ontwakingsproces uit de droom ontstaat vaak de neiging om het ego te gaan bevechten, want we hebben immers geleerd dat we die steeds terugkerende ‘slechte’ gedachten niet willen? Het vereist heel wat leerwerk voordat we ten diepste doorgronden dat ‘gefrustreerd zijn over jezelf’ omdat je merkt dat je nog steeds ego-gedachten hebt, de beste manier is om het ego in stand te houden. Herinner je les 185, “Ik verlang de vrede van God“: “Deze woorden uitspreken is niets. Maar deze woorden menen is alles. Als je ze maar één moment kon menen, dan zou voor jou geen verdriet meer mogelijk zijn, in welke vorm, en waar of wanneer dan ook. […] Velen hebben deze woorden uitgesproken. Slechts weinigen hebben ze gemeend. Je hoeft maar naar de wereld om je heen te kijken om te weten hoe uiterst weinig het er zijn.” (W-pI.185.1:1-2; 2:6-8).

Jezus roept ons op om simpelweg eerlijk te zijn: natuurlijk verlangen we de vrede van God, maar we verlangen ook nog steeds naar de individualiteit waarin wij proberen een autonoom wezen te zijn, los van God. We willen allebei voor altijd, en dat gaat niet. Het volledig aanvaarden van de Verzoening met Eenheid kost simpelweg tijd, zolang we nog geloven in de tijd. Dus hoe kunnen we daarin een stuk milder zijn voor onszelf? Antwoord: door de zwaarte er vanaf te halen. Door de opgeblazen ballon van het ego niet meer zo serieus te nemen, en die zo stukje bij beetje te laten leeglopen, in ons eigen tempo. Je bent mild voor jezelf door elke ego-gedachte kalm te bekijken (‘boven het slagveld’), en dan tegen jezelf te zeggen: “dit is niet zondig, maar zottig. Hier kan ik mezelf voor vergeven.” Dat ís de keuze voor de Heilige Geest, de Stem namens Liefde.

Alles in ons dagelijks leven wat ons niet bevalt of waar we ons schuldig over voelen, kan zo opnieuw bezien worden als een vergevingsles, waar we dankbaar voor mogen zijn. Voel je je van streek omdat iemand je nors aankeek of geen aandacht gaf? Voel je je boos omdat je in het verkeer werd afgesneden door een gestresste automobilist? Voel je je schuldig omdat je de chocolade wéér niet kon weerstaan en de wijzer op de weegschaal er nu zorgwekkend begint uit te zien? Voel je je rot omdat je merkte dat je onaardig deed tegen iemand en je nu doorziet dat je je eigen frustratie over iets heel anders op die persoon hebt afgereageerd? Voel je je angstig omdat je denkt dat je een weerloos muisje bent in een wereld waarin virussen, politici en zelfs de aarde zelf je veiligheid voortdurend bedreigen?

Leer al deze dingen te doorzien als spelelementen op het toneelpodium van ‘de wereld’, waar jij in deze zotte waakdroom nu een poosje vertoeft. Al deze dingen dienen slechts om de ingebeelde afgescheidenheid nog wat langer in stand te kunnen houden. Het is je gegeven al deze gebeurtenissen te herinterpreteren als zelfvergevingslessen. Het is je gegeven om op elk moment de ‘observator boven het slagveld’ aan te zetten en jezelf eraan te herinneren: “Ik ben niet een lichaam. Ik ben vrij. Want ik blijf wat ik ben, zó schiep God mij” (zie Herhaling VI in het werkboek). Nogmaals, dit is de uitnodiging aan Jezus of de Heilige Geest om je denken te laten leiden naar vrede. Zo lost niet alleen alle ingebeelde ‘zondigheid’, maar uiteindelijk ook de ‘zottigheid’ van het wereldtoneel op.

Belangrijk hierbij is dat je het ego niet ontkent of onderdrukt, maar kalm en aandachtig aankijkt: zonder oordeel, zonder jezelf te veroordelen. Op deze manier zou je nog best aangespoord kunnen worden om iemand ergens op aan te spreken of zelfs een rechtszaak te beginnen… maar dan onder leiding van de Stem namens Liefde, waarmee het hele proces (en de uitkomst!) volledig anders wordt. Geleid door de Stem namens Liefde zul je jezelf dingen zien ondernemen die je wellicht nooit voor mogelijk hield, maar die altijd tot de meest liefdevolle uitkomst voor iedereen leiden. Veel inspiratie gewenst vandaag!

— Jan-Willem van Aalst, oktober 2022

Het slagveld doorzien

In de reguliere media zien we steeds meer veroordeling en kritiek komen, soms over de meest onbeduidende onderwerpen. Voor ons als ego’s kan het erg verleidelijk zijn om hier in ‘meegezogen’ te worden: om onze eigen (net zo veroordelende) mening te vormen en onze tanden vast te bijten in de wervelstroom van aanval, verdediging, haat en nog meer aanval. Dat is niet de weg naar de blijvende innerlijke vrede die we allemaal zo vurig verlangen. In Een cursus in wonderen spoort Jezus zijn studenten aan om er een gewoonte van te maken dergelijke onjuist gerichte gedachte-impulsen die deze negatieve spiraal versterken, zo snel mogelijk te laten corrigeren. Pas zodra we dit ‘corrigerende denken’ tot een goede gewoonte hebben gemaakt, kunnen we voorbij de ‘kennelijke zonde’ kijken naar de roep om hulp die altijd achter elke aanval schuilgaat. In het slothoofdstuk van het Tekstboek verwoordt Jezus het zo:

“Nu jij je voorbereidt op een keuze die tot andere [d.w.z., vrediger] resultaten leidt, is er allereerst iets dat je uit-en-te-na leren moet. Het moet een gewoonte-reactie worden die zo karakteristiek is voor alles wat je doet, dat het jouw primaire reactie wordt op elke verleiding en elke situatie die zich voordoet. Leer dit, en leer het goed, want hier wordt het uitstel van je geluk bekort met een tijdsspanne waarvan jij je geen voorstelling kunt maken. Je haat je broeder nooit om zijn zonden, maar alleen om die van jou. Welke vorm zijn zonden ook lijken aan te nemen, deze verhult slechts het feit dat jij gelooft dat ze de jouwe zijn en daarom een ‘gerechtvaardigde’ aanval verdienen” (T31.III.1:2-6; mijn cursivering).

Met andere woorden, telkens wanneer we iemand op TV iets zien veroordelen, of iemand zien beschuldigen of zelfs fysiek aanvallen, gaat dit uiteindelijk altijd over een ‘zonde’ die hij niet in zichzelf wil aankijken. En met mijn eigen aanvalsgedachten is het niet anders. Onder alle haat zit altijd verdriet, eenzaamheid en wanhoop, die uiteindelijk terug te voeren zijn naar de oorspronkelijke angst dat God boos op mij is en mij nooit meer zal toelaten tot de Hemel. Zelfs gevorderde Cursusstudenten ontkomen niet altijd aan deze valkuil, en dat is volkomen begrijpelijk. Kenneth Wapnick benadrukte vaak dat Jezus niet zegt dat we met zijn Leerplan nooit meer ego-verleidingen zullen ervaren; maar zodra we bemerken dat we iets of iemand aan het veroordelen zijn, kunnen we wel steeds wat sneller ‘opnieuw kiezen’ voor zijn liefdevolle hulp. Het is helemaal niet verrassend dat we nog steeds duisternis in ons denken tegenkomen; we zouden dergelijke gedachten alleen niet koppig moeten blijven rechtvaardigen. Het ‘beetje bereidheid’ om er naar te kijken samen met Jezus of de Heilige Geest, is wat ons uit de waakdroom gaat helpen.

Het trainen van de gewoonte om het ‘slagveld’ van je eigen gedachten en dat van het toneel van de wereld te doorzien (dat wil zeggen, onze interpretatie te veranderen van wat we menen waar te nemen) vraagt om bewust denken en dus om dagelijkse oefening, wat bepaald niet altijd makkelijk is. Maar de ‘beloning’ is dan ook groot. Nogmaals Jezus: “Welke zorg kan hem overvallen die zijn toekomst in Gods liefdevolle Handen legt? Waaraan kan hij lijden? Wat kan hem pijn doen of een ervaring van verlies bezorgen? Wat kan hij vrezen? En wat kan hij anders dan met liefde bezien? Want hij die ontkomen is aan alle angst voor pijn in de toekomst, heeft zijn weg gevonden naar vrede in het nu, en heeft de zekerheid gevonden dat er voor hem wordt gezorgd, een zekerheid die nooit door de wereld kan worden bedreigd. Hij is er zeker van dat ofschoon zijn waarneming onjuist kan zijn, het die nooit aan correctie zal ontbreken. Hij is vrij om opnieuw te kiezen wanneer hij misleid is geweest, om van gedachten te veranderen wanneer hij vergissingen heeft begaan” (Wd1.194.7).

Dus de eerstvolgende keer dat je weer merkt dat je – alweer! – van streek raakt over iets wat je in de reguliere media ziet, probeer dan om steeds wat sneller het slagveld te doorzien, door er van een afstandje naar te kijken, en herinner je dan wat Jezus ons vraagt. Bedenk nogmaals dat wij nooit van streek zijn om de reden die we denken (W-dI.5), terwijl we altijd de mogelijkheid hebben om ‘in plaats hiervan vrede te zien’ (W-dI.34). Bedenk ook dat je de reguliere media niet per se hoeft te volgen, en dat je niet in de negatieve spiraal hoeft mee te gaan. Kies ervoor een kalm lichtbaken te zijn, geleid door het liefdevolle licht van de impulsen die de Heilige Geest je stuurt. Je liefdevolle licht zal ontvangen en aanvaard worden door je broeders, ook al lijkt dat niet altijd direct het geval. Veel inspiratie gewenst!

— Jan-Willem van Aalst, oktober 2022

Humanologie

Als je goed naar het kosmisch wereldbeeld kijkt dat Jezus uiteenzet in zijn leerplan “Een cursus in wonderen“, dan valt op dat veel fundamentele concepten over wat de werkelijkheid is, eerder neigen naar het Boeddhisme (specifiek de Advaita Vedanta) dan naar het Christendom. Beide gaan bijvoorbeeld uit van nondualiteit als de uiteindelijke werkelijkheid: God (of Brahman) is; alles wat met tijd, ruimte en perceptie te maken heeft is uiteindelijk illusoir (of Maya). Wij houden ons in onze wereld van waarneming vast aan speciale relaties met mensen, omstandigheden en dingen die buiten ons lijken te bestaan (Klesha). Ook benadrukken beide paden dat verbinding met de Eenheid gevonden wordt in stilte (bijv. T-23.I.1:1).

Een cursus in wonderen is in de jaren zestig en zeventig in de Westerse wereld gebracht in Christelijke termen, omdat die Westerse wereld nu eenmaal, zeker toentertijd, doorspekt was van het Christendom: wij baseren er zelfs onze jaartelling op! Het is echter maar al te makkelijk om de vorm van het leerplan als afgod in zichzelf te gaan zien. Jezus benadrukt zelf dat zijn Cursus slechts één van vele paden is die terug naar God leiden (M-1.4:1-2). Hoewel veel van die andere paden qua inhoud van het leerplan verschillen van Een cursus in wonderen, zijn er ook paden die wel qua vorm verschillen, maar qua inhoud sterk overeenkomen.

De Advaita Vedanta vind ik één zo’n pad. Een Vedisch geschrift zoals de Bhagavad Gita is wat mij betreft door dezelfde Stem gedicteerd die zich ook in de 20e eeuw heeft gemeld bij Helen Schucman en Bill Thetford. De kracht van Een cursus in wonderen is dat die ons helder uitlegt hoe we de duisternis in de denkgeest mild kunnen aankijken en ongedaan laten maken; dit kwam tot ons in een tijdperk van grote psychologische ontdekkingen. Het dictaat wordt kortom steeds doorgegeven in een vorm die door lezers in dát tijdgewricht begrepen, aanvaard en geïntegreerd kan worden. Qua inhoud gaat het vrijwel altijd over het gewaar worden van de eigen ego-dynamieken en het omarmen van oefeningen om die liefdevol los te kunnen laten, zodat we de Eenheid weer gaan ervaren.

In de jaren zestig en zeventig van de 20e eeuw heeft Yogi Bhajan in de Westerse wereld de Kundalini Yoga geïntroduceerd. Het bijbehorende wereldbeeld noemde hij Humanologie. Voor Yogi Bhajan betekent die term “De leer van de expansie van het zelf”. Cursusstudenten die door de oosterse vorm heen kijken, zullen qua inhoud veel concepten uit Een cursus in wonderen herkennen. In augustus heb ik Armand Mensingh geïnterviewd, een autoriteit in Nederland op het gebied van Humanologie. Dit interview (2 uur 18 minuten) geeft een inleidend of samenvattend overzicht van de aspecten van Humanologie. Wat mij betreft zeer de moeite waard voor iedereen die bewust werkt aan de eigen aanvaarding van de Verzoening, of Zelfrealisatie. Hier is het interview:


— Jan-Willem van Aalst, september 2022

Zelfobservatie als enig doel

In Werkboekles 256 van Een cursus in wonderen staat een zin waar studenten heel makkelijk overheen lezen, maar die in zekere zin het hele leerplan samenvat: “Hier [d.w.z. in deze wereld] kunnen we alleen maar dromen” (W-pII.256.1:7). Sta hier eens even bij stil. Dit legt een bom onder al onze gehechtheden hier. Niets in deze wereld heeft ook maar iets van doen met de realiteit buiten tijd en ruimte. Alles waar we ons nog zo druk om maken, gaat weer voorbij zonder dat ons werkelijke zelf, als eeuwige geest, ook maar enigszins in gevaar is.

Toch kiezen jij en ik er kennelijk voor onszelf hier en nu nog te ervaren in een droomwereld. Met welk doel? Het ego zou zeggen: “om zelf god te kunnen zijn in mijn eigen koninkrijkje”. De Heilige Geest verzekert ons: “om vergeving te leren en zo de Verzoening te aanvaarden”, wat het einde van de droom betekent. In dezelfde les 256 vervolgt Jezus: “…Maar we kunnen dromen dat we hem vergeven hebben in wie alle zonde voor altijd onmogelijk is […] God is ons doel; vergeving is het middel waardoor onze denkgeest ten langen leste tot Hem terugkeert” (W-pII.256.1:8-9).

Hoewel vooralsnog weinigen zich het realiseren is dit uiteindelijk, vanuit juist-gericht denken, het levensdoel van al het leven in deze illusoire waakdroom. Dit doel is haalbaar omdat “zonde voor altijd onmogelijk is”. Huh? Zeker, in de waakdroom nemen we beslist de vreselijkste dingen waar. En in de waakdroom merken we zelf voortdurend dat we (ver)oordelen en aanvallen. Eén van de moeilijkste Cursus-‘inzichten’ om te aanvaarden is dat al deze duisternis puur onze eigen keuze is. Jezus verwoordt het zo: “Het geheim van de verlossing is slechts dit: dat jij dit jezelf aandoet.” (T-27.VIII.10:1), waarmee Jezus letterlijk bedoelt dat alle ellende en duisternis in ons leven (fysiek en psychisch) komt door onze eigen keuze om graag afgescheiden te willen blijven, slapend in de waakdroom.

Dit is geenszins aanleiding om je schuldig, zwak of ontoereikend te voelen. Integendeel, dit is de meest vreugdevolle boodschap die je kunt krijgen, omdat dit de deur naar de uitweg uit deze nachtmerrie van tijd en ruimte opent! Immers, als ik al mijn eigen misère zelf kies, dan kan ik een andere keuze maken die mij blij maakt. En dat is ook hoe ieders pad naar de aanvaarding van de Verzoening zal gaan, zoals Jezus ons in zijn Tekstboek verzekert: “Je zult eerst dromen van vrede, en er vervolgens toe ontwaken. Je eerste ruil van wat je hebt gemaakt [het ikje in de droomwereld] voor wat jij wilt [de hemel], is het inruilen van nachtmerries voor de gelukkige dromen van liefde.” (T13.VII.9:1-2).

Hoe ruil ik duisternis in voor licht in mijn denkgeest? Niet door je denken te bevechten, maar puur door kalme, oordeelloze zelfobservatie. Werkelijk ware vergeving leren toepassen komt neer op het zo vaak mogelijk bij jezelf bemerken hoe graag je dat niet wilt doen, dat wil zeggen: bemerken hoezeer wij onze eigen duisternis (afgescheidenheid, individualiteit) nog koesteren… en vervolgens ‘boven het slagveld’ om hulp te vragen de situatie anders te bezien. ‘Vergeving’ beoefenen betekent dus vooral: zelfvergeving voor de zottigheid waar jij en ik nog steeds zo aan gehecht zijn.

Helaas wordt zelfobservatie in onze samenleving niet bijzonder aangemoedigd, om het zacht uit te drukken. Integendeel, de media stimuleren het aandachtsloos (‘mindless’) leven van prikkel naar prikkel, van pleziertje naar pleziertje. Dit simuleert juist angst en aanval. Een cursus in wonderen is dan ook een leerplan in gedachtentraining. Daarin neemt het beoefenen van zelfobservatie in stilte een belangrijke plaats in; immers: “De Godsherinnering komt tot een denkgeest in rust.” (T-23.I.1:1). Door regelmatig aandachtig naar binnen te keren krijg je zicht op wat er in je denkgeest nog ‘op te schonen’ is.

Vergeet de verlokkingen van de media zoveel mogelijk. Gooi die zotte TV weg. Beoefen dagelijks zelfobservatie in stilte, liefst twee keer per dag een halfuur, met je eigen favoriete meditatietechniek. Bijvoorbeeld via je adem, via visualisatie, met mantra-muziek, of zelfs met schilderen, wandelen of hardlopen. Dit is niet het afwijzen van de wereld om ons heen, integendeel: dit traint je denkgeest om veel acuter gewaar te zijn van de momenten in je drukke leven waarop je toch nog voor duisternis kiest. Waarop je, ‘boven het slagveld’, sneller en met vreugde in je hart de correctie van de Heilige Geest kunt toelaten. Veel inspiratie gewenst!

— Jan-Willem van Aalst, september 2022

Nergens ben je in gevaar… als geest

Werkboekles 244 van Een cursus in wonderen, getiteld “Nergens ter wereld ben ik in gevaar”, begint met het volgende gebed: “Uw Zoon is veilig waar hij ook mag zijn, want U bent daar bij hem. Hij hoeft Uw Naam slechts aan te roepen en hij zal zich zijn veiligheid en Uw Liefde herinneren, want die zijn één. Hoe kan hij bang zijn of twijfelen of vergeten dat hij niet kan lijden, in gevaar kan worden gebracht of zich ongelukkig voelen, wanneer hij U toebehoort, geliefd en liefdevol, in de veiligheid van Uw Vaderlijke omarming?” (W-dII.244.1)

Zolang wij onszelf nog ervaren als een lichaam, lijkt dit onzin. Het lichaam is beslist niet overal veilig. Mijn lichaam kan bijvoorbeeld een verkeersongeluk overkomen, en mijn lichaam wordt regelmatig door allerlei virussen aangevallen. Hoezo geen gevaar? Cursusstudenten beseffen dat Jezus hier spreekt over jou en mij als geest. Daarmee verwijst Jezus naar de metafysica van de Cursus: de schijnbaar slapende Zoon van God, die over tijd en ruimte lijkt te dromen, heeft het lichaam verzonnen en het zeer kwetsbaar gemaakt. Dit is immers (a) het onomstotelijke bewijs dat de afscheiding van perfectie daadwerkelijk is gelukt en (b) dat alles wat mij als ‘onschuldig individu’ overkomt de schuld is van een ander, van iets buiten mijzelf dat overduidelijk echt en kwaadaardig is.

Als geest echter, buiten tijd en ruimte — wat wij allen in essentie zijn — zijn jij ik nergens in gevaar. Zie het fysieke lichaam als een soort kostuum dat we tijdelijk aantrekken om een korte tijd een rol op het podium van deze ‘waakdroom’ in tijd en ruimte te vervullen. Zoals Shakespeare beeldend schreef over elk van onze vele incarnaties in tijd en ruimte: “Het leven is slechts een wandelende schaduw, een armzalige toneelspeler die een uurtje piekert en stuitert op het podium, en daarna nooit meer gezien wordt.” (Macbeth). Pas als we beseffen dat we puur geest zijn, buiten tijd en ruimte, wordt Jezus’ titel van les 244 begrijpelijk.

Dat betekent niet dat je geen aandacht zou moeten geven aan het lichaam. Immers, de Heilige Geest kan alles wat het ego maakt om de Zoon van God gedachteloos (‘mindless’) te houden, liefdevol inzetten ten behoeve van de Grote Ontwaking, het aanvaarden van de Verzoening (Eenheid). Zo duidt vrijwel elk symptoom in het lichaam, mits aandachtig en oordeelloos onderzocht, duidelijk op een niet-vergeving in de denkgeest die nog aandacht behoeft. Het klassieke voorbeeld is de maagzweer die optreedt als je teveel bitterheid (lees: veroordeling) vasthoudt in je denken. De remedie is altijd dezelfde: onvoorwaardelijke vergeving, specifiek zelfvergeving. Zodra je dit werkelijk omarmt, verdwijnen de symptomen. Zo vinden soms wonderbaarlijke genezingen plaats.

Dus mocht je de komende tijd met gebeurtenissen geconfronteerd worden die angst voor gevaar voeden (zoals de welhaast onvermijdelijke verwoestende lockdowns, faillissementen, griepgolven, oorlog, collectieve onverdraagzaamheid, ga zo maar door) realiseer jezelf dan dat je nergens in gevaar bent… als geest. Al deze crises gebeuren met een diepere bedoeling. Herinner je Jezus’ uitspraak uit het Handboek voor leraren: “Het vereist heel wat leerwerk eer begrepen wordt dat alle dingen, gebeurtenissen, ontmoetingen en omstandigheden behulpzaam zijn. Slechts in de mate waarin ze behulpzaam zijn kan er in deze wereld van illusies enige werkelijkheidsgraad aan worden toegekend.” (H.4.I.A.4:4-5). Oftewel, elke Grote Ontwaking wordt altijd voorafgegaan door een diepe crisis. Zo ook nu en de komende jaren.

Herinterpreteer elke ‘negatieve’ gebeurtenis de komende tijd daarom als een uitnodiging van de Heilige Geest aan je denkgeest om wederom de keuze voor Liefde te maken. Deze keuze zal altijd leiden tot de beste uitkomst voor iedereen. Deze keuze kan overigens ook heel goed een liefdevol ‘Nee’ zijn. Als je voelt dat een bepaalde opgelegde maatregel fundamenteel niet klopt, leg je keuze dan voor aan de Heilige Geest, en als het antwoord ‘Nee’ is, doe dan simpelweg niet mee… vanuit Liefde. Ga van mindlessness naar mindfulness. Je bent nergens ter wereld in gevaar… als geest. Wij zijn hier louter in deze droomwereld om wederom de keuze voor Liefde te leren maken, onvoorwaardelijk en onbevreesd, juist in deze uitdagende tijden. Veel inspiratie gewenst!

— Jan-Willem van Aalst, september 2022

N.B. Volg bijvoorbeeld de boodschappen van Christina von Dreien, die haar volgers juist hierin uitstekende begeleiding biedt.

Wat is verlossing?

Wat is verlossing? Deze vraag aan tien mensen stellen zal tien verschillende antwoorden opleveren, maar de gemeenschappelijke kern zal waarschijnlijk gaan over ‘blijvend geluk ervaren, zonder verstoring’. Voor religieus ingestelde mensen wil deze vraag nog wel eens een angel zijn, vooral bij Christenen die zijn grootgebracht met het idee dat verlossing alleen kan worden bereikt door veel lijden en opoffering. Veel andere mensen hebben voor zichzelf besloten dat verlossing in die zin een hersenspinsel is dat helemaal niet bestaat. De zoektocht naar geluk verwordt dan tot een troosteloos pad van aaneengeregen korte pleziertjes, met veel pijn en verdriet tussendoor.

Deel 2 van het Werkboek van Een cursus in wonderen bevat toelichtingen op een aantal kernconcepten, en “Verlossing” is er één van. Jezus beantwoordt de vraag “Wat is verlossing?” als volgt: “Verlossing is een belofte, gedaan door God, dat jij jouw weg naar Hem uiteindelijk zult vinden. Het kan niet anders of ze wordt gehouden. Ze garandeert dat er een eind komt aan de tijd, en dat alle gedachten die in de tijd zijn ontstaan eveneens een eind zullen nemen. Gods Woord is elke denkgeest gegeven die denkt dat hij afzonderlijke gedachten heeft, en zal deze conflictgedachten vervangen door de Vredesgedachte. De Vredesgedachte werd Gods Zoon meteen gegeven zodra zijn denkgeest aan oorlog had gedacht.” (W-dII.2.1:1-2:1). Ofwel: zodra het ego leek te ontstaan, en daarmee tijd en ruimte, begon ook de Heilige Geest als het alternatief daarvoor: de Stem namens de Eenheidsliefde.

De kortste samenvatting van het antwoord op de vraag “Wat is verlossing?” is misschien wel de titel van Werkboekles 231, die direct na de samenvatting over verlossing komt: “Vader, ik wil mij niets herinneren dan U”. Het bijbehorende gebed luidt: “Wat kan ik anders zoeken, Vader, dan Uw Liefde? Misschien denk ik dat ik iets anders zoek, iets wat ik vele namen heb gegeven. Toch is Uw Liefde het enige wat ik zoek, of ooit heb gezocht. Want er is niets anders dat ik ooit werkelijk kon wensen te vinden. Laat me mij U herinneren. Wat zou ik anders kunnen verlangen dan de waarheid omtrent mijzelf?” (W-dII.231.1).

Het is belangrijk om te beseffen dat verlossing niet iets heerlijks maar ver weg in de toekomst is; verlossing is een keuze . In het Tekstboek schrijft Jezus daarover: “Ik heb jouw roep gehoord en die beantwoord, maar jij zult voor mij geen oog hebben noch het antwoord horen dat je zocht. Dat komt doordat je dit vooralsnog niet als het enige wilt. Maar naarmate ik voor jou meer werkelijkheid word, zul je leren dat dit echt het enige is wat jij wilt. En je zult mij zien wanneer je naar binnen kijkt, en samen zullen we de werkelijke wereld aanschouwen” (T-12.VII.11:3-6). Het voelt alsof de 99 problemen die we allemaal in ons leven ervaren, ons hiervan weerhouden. Toch zijn die allemaal van voorbijgaande aard; onze ware Identiteit buiten tijd en ruimte is er altijd, en daar kunnen we ons nu mee verbinden.

Veel studenten kennen de volgende passage die hier direct betrekking op heeft: “Het enige probleem dat je nog hebt is dat jij een tijdsinterval ziet tussen het moment waarop je vergeeft en dat waarop je de weldaden zult ontvangen van jouw vertrouwen in je broeder. Dit weerspiegelt slechts het kleine beetje dat je tussen jou en jouw broeder wilt bewaren, zodat jij en hij toch een beetje gescheiden kunnen zijn. […] Verlossing is onmiddellijk. Tenzij je het zo ziet, zul je er bang voor zijn, omdat je gelooft dat het risico op verlies groot is tussen het tijdstip waarop het doel ervan tot het jouwe is gemaakt en waarop de gevolgen ervan jou bereiken. […] De verlossing zal de ruimte wegvagen die jij nog tussen jullie ziet, en jullie terstond één laten worden. En je bent bang dat juist hier het verlies zou liggen.” (T-26.VIII.1:1-3:5).

Verlossing, oftewel je verbinding met de onveranderlijke Eenheidsliefde, kun je altijd nu ervaren, zoals bijvoorbeeld ook Viktor Frankl ondervond gedurende zijn tijd in Auschwitz in de tweede wereldoorlog (zie zijn boek “De zin van het bestaan”). Zolang jij ervoor kiest je aandacht te beperken tot de vijf zintuigen en niet voorbij de vormen durft te kijken, zul je van de Eenheidsliefde afgeleid blijven, uit eigen vrije wil. In die zin zou je verlossing dus ook als volgt kunnen bezien: verlossing is het voortdurend oordeelloos bemerken van al je niet-vergevende gedachten en je steeds te realiseren: ik kies nu niet voor verlossing. Hoe lang wil ik dat nog? Probeer dit in gedachten houden bij al je interacties met ‘anderen’ vandaag. Veel inspiratie gewenst!

Jan-Willem van Aalst, augustus 2022

Waar de schoen wringt

Ondermeer in Hoofdstuk 22 van het Tekstboek van Een cursus in wonderen nodigt Jezus ons uit om na te denken over de aard van de heilige relatie, en hoeveel beter wij ons zouden voelen als we daar vaker voor zouden kiezen. In een heilige relatie zie je jezelf en de ander als volmaakt compleet, en alle geloof in verschillen ongedaan gemaakt. Je herkent de essentie van jullie beiden, en dus verbind je je met de ander in jullie gezamenlijke Identiteit als Christus, de Zoon van God. Dit is de uitweg uit de ego-hel. Klinkt zweverig? Jezus verzekert ons: “Van alle boodschappen die jij ontvangen maar niet begrepen hebt, is alleen deze cursus toegankelijk voor je begrip en kan ook worden begrepen. Dit is jouw taal” (T-22.I.6:1-2). Nou, dat voelt niet altijd zo! Hoe zit dat?

Jezus vervolgt: “Zo wordt in iedere heilige relatie opnieuw het vermogen geboren om te communiceren in plaats van zich af te scheiden. Maar een heilige relatie, zelf zo kort geleden uit een onheilige herboren, en toch veel ouder dan de oude illusie die ze vervangen heeft, is in haar wedergeboorte nu als een baby. Toch is het in dit kindje dat jouw visie jou wordt teruggegeven, en het zal de taal spreken die jij begrijpen kunt. Het wordt niet gevoed door dat ‘iets anders’, dat jij dacht dat je was [d.w.z., een ego in een afgescheiden, sterfelijk lichaam]. (T-22.I.7:1-4). De keuze om van elke ontmoeting, elke interactie een heilige relatie te maken brengt onnoemelijk veel meer rust in je leven. Er zijn immers geen verschillende belangen meer. Jezus vraagt ons dan ook vreugdevol: “Wil jij niet dat dit heilige huis ook het jouwe is? Hier is geen ellende, maar louter vreugde” (T-22.II.12:9-10).

Maar dan komt het: “Al wat je hoeft te doen om hier in stilte met Christus te verblijven, is Zijn visie delen” (T-22.II.13:1). Oei. Zoals Kenneth Wapnick altijd graag Shakespeare citeert, in dit geval uit Hamlets beroemde monoloog: “Ai, dáár wringt het ‘m” (H.III,i). We willen immers onze ‘essentiële gelijkheid’ best delen met onze geliefden, met mede-Cursusstudenten of andere spiritueel geïnteresseerden, maar niet met die politicus, die collega, die manager, die publieksfiguur, die agressieve automobilist, ga zo maar door. Cursusstudenten weten best dat dergelijke afwijzingen niets van doen hebben met die betreffende personen maar alleen met hun eigen verdrongen projectie van hun waanidee van hun afwijzing van God… maar dat op zich is kennelijk nog niet genoeg om er toch een heilige relatie van te maken, en zo innerlijke vrede te vinden.

In hetzelfde Hoofdstuk 22 zegt Jezus hierover: “In een onheilige relatie wordt eenieder van waarde geacht omdat hij de zonde van de ander lijkt te rechtvaardigen. Ieder ziet iets in de ander wat hem aanzet om tegen zijn wil te zondigen. En zo belast hij de ander met zijn zonden, en wordt tot hem aangetrokken om zijn zonden in stand te houden. En zo moet het voor ieder wel onmogelijk worden zichzelf als de oorzaak van zonde te zien door zijn verlangen dat de zonde werkelijkheid is” [d.w.z., we willen zo graag onze eigen individualiteit in stand houden, hoe zondig die ook is] (T-22.III.9:3-6). Wij houden onszelf kortom graag gevangen in onze eigen zintuiglijke perceptie, zodat wij onszelf als uniek individu kunnen blijven ervaren. Dat al onze relaties daarmee onheilig blijven doet wel pijn, maar nog niet zoveel pijn als het vooruitzicht van het ‘uitgegumd worden’ en de eventuele straf die ons te wachten staat als we onze Schepper weer onder ogen zien.

De uitweg uit deze zotte, maar hardnekkige illusie? Kom los uit je zintuigen! Oefen met het onderscheiden van vorm (d.w.z. wat de zintuigen waarnemen, ervaren) en inhoud (de onzichtbare essentie achter alle vormen). Enige tijd geleden heb ik bij MIC een lezing verzorgd over het “rode” en “witte” lichtje dat je per definitie kiest in iedereen die je ontmoet. Dat is de inhoud die je kiest zodra je vorm ziet. Zodra je iemand ontmoet (lopend, fietsend of in de auto, het maakt niet uit) heb je in een fractie van een seconde al een onheilige of heilige relatie gekozen: een rood of wit lichtje. Het lijkt alsof je zintuigelijke indrukken van die persoon (uiterlijk of gedrag) daar aanleiding toe geven, maar de keuze voor het type relatie (heilig of onheilig) maak je helemaal zelf. En die keuze is te veranderen, en zou je ook moeten veranderen als je meer innerlijke vrede in je leven wilt ervaren.

In Hoofdstuk 22 vat Jezus dit kernpunt mooi samen: “Laat de vorm van zijn vergissingen jou niet weghouden van hem wiens heiligheid de jouwe is. Laat de visie van zijn heiligheid, waarvan het zicht jou je vergeving zou tonen, je niet worden onthouden door wat de ogen van het lichaam kunnen zien. Laat je bewustzijn van je broeder niet worden belemmerd door jouw waarneming van zijn zonden en zijn lichaam. Wat is er in hem aanwezig dat jij wilt aanvallen, behalve wat jij in verband brengt met zijn lichaam, dat naar jouw overtuiging zondigen kan? Achter zijn vergissingen staan zijn heiligheid en jouw verlossing. Je hebt hem zijn heiligheid niet gegeven, maar je hebt wel geprobeerd jouw zonden in hem te zien om jezelf te redden. En toch: zijn heiligheid is jouw vergeving. Kun jij verlost worden door hem zondig te maken wiens heiligheid jouw verlossing betekent?” (T-22.III.8).

Ja, mensen begaan vergissingen. Politici manipuleren burgers en zetten aan tot oorlogen. Ja, veel zakelijke mensen handelen uit hebzucht. Ja, mensen zijn niet altijd hoffelijk in het verkeer. Ja, mensen reageren hun stress of frustratie soms af op anderen. Ja, veel mensen kiezen er nog voor om in slaap te blijven en gedachteloos te consumeren. Ja, mensen worden wel eens boos om iets waar jij echt niets aan kon doen. We maken het allemaal elke dag mee. Zie dit niet als ‘ellende’ in je leven, maar als gelegenheden die jou worden aangeboden om te oefenen met het kiezen voor een heilige relatie: te oefenen met het zien van de inhoud achter de vorm. Kies ervoor om in ieder ander (zónder uitzondering!) het witte licht te zien dat jullie beider essentie is. Laat je reactie op de betreffende situatie vervolgens over aan de Heilige Geest. En je zult tot je verbazing merken hoeveel vrediger je dagen worden en hoeveel zaken ineens meer lijken te gaan ‘stromen’. Veel inspiratie gewenst!

— Jan-Willem van Aalst, augustus 2022