De verwelkomde les

Hoe vaak op een dag kom jij nog dingen, gebeurtenissen of mensen tegen die jou niet bevallen? Studenten van Een cursus in wonderen hebben geleerd dat de vorm en intensiteit van de afkeur er niet toe doen: een “lichte krimp van ergernis” is dezelfde energie als “intense woede” (W-d1.21.2:5); alleen de uiterlijke expressie verschilt. Lastiger is het om te beseffen — boven het slagveld van de emotie — dat iedere ergernis over iets buiten mijzelf een teken is dat ik mezelf nog veroordeel. Elke Cursusstudent wordt immers gepokt en gemazeld in het begrip projectie: alles wat ik diep in mezelf niet onder ogen wil zien, projecteer ik naar buiten en zie ik in een ander. Dus alles wat ik als ‘verkeerd’ beschouw zie ik niet in mij, maar in de gebeurtenis of de persoon die mij niet bevalt. Dat is projectie, en dat is onszelf voor de gek houden.

Op het spirituele niveau bekeken is alles wat mij hier lijkt te overkomen — en vooral hoe ik dat interpreteer en er op reageer — slechts een flauwe afspiegeling van mijn relatie met mijn Schepper, feitelijk de enige relatie die er is. Zo is bijvoorbeeld alles wat mij niet aan mijn ouders bevalt eigenlijk mijn aanklacht tegen God dat Hij geen goede Vader voor mij is. En alle moeite die ik heb met autoriteitsfiguren — zij het politici, managers, of een echtgenoot, noem maar op — weerspiegelen de moeite die mijn ego heeft met God als de ultieme autoriteit over al het leven. En zo komt alles wat mij niet bevalt op een dag in de kern neer op steeds dezelfde afwijzing: “Ik ben niet een Kind van God. God is voor mij niet genoeg. Ik ben liever een lichaam los van God, en alle kwaad zit niet in mij maar in de buitenwereld.”

In Een cursus in wonderen nodigt Jezus ons uit om alle dingen, gebeurtenissen en ontmoetingen op een andere manier te gaan interpreteren: als een les in zelfvergeving, in plaats van in de slachtofferrol of verdedigingsmodus te schieten. Al in Les 23 van het Werkboek onderwijst Jezus ons: “Ik kan ontsnappen aan de wereld die ik zie door aanvalgedachten op te geven”. Dan moet ik me wel eerst beseffen dat alle negativiteit die ik voel – van een lichte krimp tot intense woede – het gevolg zijn van mijn eigen aanvalgedachten. Ik kan niet iets opgeven waarvan ik me niet ten volste gewaar ben. We worden dus mild uitgenodigd om niet alleen onze projecties te doorzien, maar vervolgens ook om die terug te nemen, omdat alleen dàt de negativiteit oplost.

Zodra ik aanvaard dat de negativiteit die ik in de ander zag in feite mijn eigen geprojecteerde negativiteit is, kan ik er bewust voor kiezen om anders te gaan denken. Echter, als ik niet — vroeg of laat — óók doorzie dat de oerbron van al mijn negativiteit gelegen is in mijn relatie met mijn Schepper, dan kan ik mezelf blijven vergeven tot ik een ons weeg, maar zal de blijvende innerlijke vrede die ik zo vurig verlang toch op de één of andere manier ongrijpbaar blijven. Pas ik als ik mijn eigen keuze om mezelf als slechts een van God afgescheiden lichaam te identificeren met een milde glimlach kan observeren, om mij vervolgens weer te verbinden met mijn ware Identiteit als Geest van Liefde, pas dan komt verlossing werkelijk in zicht.

Het oefenen van dit proces van zelfvergeving vergt tijd. Het zodanig trainen van je denkgeest dat je elke gebeurtenis en ontmoeting louter ziet als liefdevolle les van de Heilige Geest om nog een keer zelfvergeving te beoefenen in plaats van afscheiding, betekent immers een totale omslag in je denken. Het betekent namelijk dat je de fundamentele vraag “Wat ben ik?” anders leert beantwoorden: ‘Ik zie nu dat ik en mijn broeder niet afgescheiden zijn. God heeft maar één Zoon, die Hij eeuwig onvoorwaardelijk lief heeft. En elke gebeurtenis en ontmoeting die mij lijken te overkomen kan ik zien als les om die waarheid weer een beetje steviger in mijn denkgeest te verankeren.’

Uiteindelijk zullen we het punt bereiken dat we inzien dat deze waarheid altijd al waar is geweest: alles in tijd en ruimte is een zot toneelspel dat niets met de Werkelijkheid van doen heeft. Ieder moment van de dag dat we tegen liefde interpreteren, doorleven we slechts nogmaals het ene ontologische moment waarop we voor duisternis (afgescheidenheid, ego) kozen. We verzonnen tijd en ruimte om die duisternis in stand te kunnen houden. De keuze voor de Heilige Geest is onze bereidheid om de duisternis in te ruilen voor gewaarzijn van het Licht dat ons nooit heeft verlaten, maar dat we een poosje probeerden te vergeten.

Verwelkom dus alles wat je lijkt te overkomen vandaag en al je dagen. Onthoud altijd Jezus’ behulpzame uitspraak uit het Handboek: “alle dingen, gebeurtenissen, ontmoetingen en omstandigheden zijn behulpzaam” (H-4.I.A.4:5). Ze zijn behulpzaam omdat wij vrij zijn alles te herinterpreteren als een les in zelfvergeving. En telkens wanneer we de les aanvaarden, komt onze ware Identiteit als de ene Zoon van God weer iets meer in het licht van ons gewaarzijn te staan. Is er iets mooiers denkbaar? Veel inspiratie gewenst in al je vergevingslessen!

— Jan-Willem van Aalst, april 2022

Een gedachte over “De verwelkomde les”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s