Heb uw naaste lief als uzelf

De gedachte achter dit beroemde bijbelcitaat is dat jij en ik veel gelukkiger zullen zijn als we anderen net zo beschouwen als wij onszelf beschouwen, oftewel dat wij hen de waarde toedichten die we onszelf graag toedichten. Maar hoewel velen het een nobel principe vinden, is het niet bepaald wat we in de praktijk brengen, als we er aan het einde van een willekeurige dag zo eens over nadenken. Want als ik heel eerlijk ben, dan moet ik toegeven dat ik mijn eigen behoeften het allerbelangrijkst vind, en ik ook heel ver zou gaan om die vervuld te zien, zelfs ten koste van anderen. En dat heeft niet alleen maar betrekking op onze basis levensbehoeften zoals voedsel, kleding en onderdak; dit regerende ego-principe is ook van toepassing op zoiets triviaals als door de file worstelen om thuis te kunnen komen. Hoe vaak erger jij je in het verkeer?

Dus waarom vertellen we onszelf dat we Jezus’ uitnodiging om mijn naaste lief te hebben als mijzelf heel lovenswaardig vinden, om er vervolgens weinig tot niets mee te doen? In Een cursus in wonderen heeft Jezus het hier tamelijk vaak over, en verschaft ons ook verrassende inzichten hierover die soms schokkend lijken, maar tegelijkertijd de enige uitweg uit de ego-hel verschaffen die werkelijk zal werken. Laten we een aantal kernpunten die Jezus hierover maakt kort bespreken. Probeer daarbij zijn boodschappen als observator te lezen: aangezien Een cursus in wonderen ons helpt onze keuze voor het ego ongedaan te maken, kan het behulpzaam zijn om je ego-reacties te observeren terwijl je dit leest.

Eerst en vooral vertelt Jezus ons dat we vergeten zijn wat een denkgeest überhaupt is, en, preciezer, dat daar een keuzemaker bijhoort die op elk moment in de tijd kiest tussen een liefdeloze gedachte (het ego) en een liefdevolle gedachte (de Heilige Geest, oftewel de Stem namens Liefde). Jezus verzekert ons dat het voortdurende, niet-aflatende verbale gebabbel in ons hoofd niet onze ware gedachten zijn (zie bijv. Wd1.10; wd1.45). Onze enige ware gedachten zijn die wij met God denken — een term die, in de Cursus, symbool staat voor pure Eenheidsliefde, buiten tijd en ruimte. Met andere woorden, alleen onze liefdevolle gedachten zijn waar; alle andere ‘gedachten’ komen neer op inbeelding (Engels: ‘image making’, Wd1.15) met als doel om de illusie in stand te kunnen houden dat wij wel degelijk los van God kunnen bestaan, en dat ons dat ook lukt. Dat is waarom Jezus dit hele universum in tijd en ruimte een droomwereld noemt (zie T18.II).

Kortom, de eerste verrassing is de gewaarwording dat mijn verbale gedachtestroom niet mijn werkelijke gedachten betreft. Oftewel, zoals een bloglezer vorig jaar met humor opmerkte: “Ik denk, dus ik lieg”. Maar dat is nog maar het begin. Vervolgens vertelt Jezus ons dat de reden dat wij onze naaste niet liefhebben, is dat wij onszelf niet liefhebben. Wij mogen onszelf misschien wanhopig blijven vastklampen aan een zelfbeeld dat sympathiek, liefdevol, onschuldig en goedbedoelend is, maar Jezus verzekert ons dat wij onszelf diep vanbinnen heimelijk heel anders bezien: “Jij denkt dat je de woning bent van slechtheid, duisternis en zonde. […] Jij denkt dat als jou de waarheid over jou werd geopenbaard, je met zo’n intense afschuw zou worden vervuld, dat je halsoverkop de hand aan jezelf zou slaan, omdat het je onmogelijk zou zijn nog verder te leven na dit te hebben gezien” (wd1.93.1). Hoewel we de neiging zullen voelen zoiets heftig te ontkennen, krimpt iets in ons ineen, omdat we onszelf realiseren dat wij dit in de diepst verborgen krochten van ons denken inderdaad over onszelf geloven.

Zo bezien is het niet zo verwonderlijk dat ik mijn naaste niet liefheb als mijzelf. Of, eigenlijk toch wel: aangezien ik mijzelf in mijn diepe onderbewuste veracht, haat ik in mijn broeder zoals ik mezelf haat. Sterker nog, de kernstrategie van het ego om deze zelf-veroordeling voor mijzelf verborgen te houden is vingerwijzen naar alles en iedereen buiten mijzelf: “Ik ben niet slecht – die of die persoon is de boosdoener! Bezie mij: ik ben slechts een onschuldig slachtoffer met louter goede bedoelingen!” Cursusstudenten herkennen hier natuurlijk het principe van projectie in: wat wij te erg vinden om in onszelf onder ogen te zien, projecteren we weg naar de wereld, zodat het kwaad overal lijkt te zijn behalve in onszelf.

Maar waarom zouden wij dan onbewust zo slecht over onszelf denken? Zodra we Jezus’ onderricht over de metafysische grondslag van deze wereld beginnen te vatten, wordt zijn antwoord kristalhelder: onbewust haat ik mijzelf omdat ik onbewust nog rotsvast geloof dat ik degene ben die God heeft afgewezen omwille van mijn zondige wens om een autonoom individu te zijn, los van God, ver weg van de eeuwige vrede in het Hart van God. Dit kan niet anders dan tot een gigantisch schuldgevoel leiden over deze ‘oerzonde’ van het afwijzen van mijn eigen Schepper. Die schuld kan ik op duizenden manieren onderdrukken door voortdurend alles en iedereen te beschuldigen, en mijn denken af te leiden met trivialiteiten en afgoden (geld; eten; drank; alle andere hobbies, verslavingen en speciale relaties)… maar het schuldgevoel is en blijft er, verborgen in de diepste krochten van de metaforische ijsberg die mijn denkgeest is.

“Om deze cursus te leren dien je bereid te zijn iedere waarde die jij eropna houdt in twijfel te trekken. Niet één kan er verborgen en in het duister gehouden worden, of deze zal jouw leerproces in gevaar brengen” (T24.In.2:1). Letterlijk alles wat ik tot nu toe over mezelf als ‘waarheid’ heb beschouwd, zou opnieuw geëvalueerd moeten worden, opnieuw bekeken; en vervolgens getransformeerd tot wat de Stem namens Liefde mij over mijzelf vertelt. Het is mooi om te zien hoe Jezus de bijbelse parabel van de verloren zoon gebruikt om te illustreren hoezeer wij onszelf vergissen over hoe God ons (Zijn Zoon) beziet: “Luister naar het verhaal van de verloren zoon en verneem wat Gods schat is en die van jou: deze zoon van een liefdevolle vader verliet zijn thuis en meende dat hij alles had verbrast aan niets van enige waarde, hoewel hij toentertijd de waardeloosheid ervan niet inzag. Hij schaamde zich ervoor naar zijn vader terug te keren, omdat hij dacht dat hij hem had gekwetst. Maar toen hij thuiskwam verwelkomde de vader hem vol vreugde, omdat de zoon zelf zijn vaders schat was. Hij wilde niets anders” (T8.VI.4).

Kortom, Jezus’ oproep om mijn naaste lief te hebben als mijzelf blijft zondermeer overeind, maar ik zal eerst mijn eigen denken over mijn eigen waarde moeten veranderen; over de mate waarin ik Gods Liefde waardig ben; over hoeveel mijn Schepper van mij houdt, en over wat mij werkelijk gelukkig zal maken. Dat is alles bij elkaar heel wat, en dus is het niet zo gek dat Jezus stelt dat ik iedere waarde die ik er op nahoud, in twijfel moet trekken om zijn leerplan te leren. Een cursus in wonderen nodigt ons uit om mijn denkgeest zodanig te trainen dat mijn onbewuste angst over Gods straf dermate daalt dat ik de Heilige Geest durf toe te laten om mijn dagelijks denken en handelen te leiden, in plaats van de slaaf van het ego te zijn, dat voortdurend bezig is de gigantische schuld over mijn ingebeelde vertrek uit Gods Eenheid in stand te houden, maar er iemand anders te schuld voor te kunnen geven, zodat ik mezelf als onschuldig kan blijven zien.

Het basisprincipe voor deze denkgeest-trainig is, jazeker, vergeving. Hoewel dit in de kern gaat over het vergeven van alles wat ik in mezelf nog zo minacht (voortkomend uit mijn schuldgevoel over het afwijzen van God), gaat dit in de dagelijkse praktijk over het vergeven van alles en iedereen om mij heen, omdat ik mijn schuldgevoel juist daarheen heb geprojecteerd. In Hoofdstuk 9 van het Tekstboek lezen we: “Als je wilt weten of je gebeden verhoord zijn, twijfel dan nooit aan een Zoon van God. Trek hem niet in twijfel en maak hem niet onzeker, want jouw geloof in hem is jouw geloof in jezelf” (T9.II.4). Die laatste zinsnede is de essentie. Alles wat ik buiten mezelf besluit af te wijzen, is een teken dat ik nog steeds zelfhaat aan het projecteren ben. Hier hoeven wij ons beslist niet schuldig over te voelen. In tegendeel, het is veel gezonder om dit als een liefdesles te zien die ik zojuist heb ontvangen van de Heilige Geest. Ik kan er nu voor kiezen deze droomwereld te doorzien als een droom. Ik ben de dromer van deze droom. Ik kan er voor kiezen een gelukkige leerling te zijn, door mijzelf te realiseren dat ik nog steeds de Zoon van God ben die de Vader liefdevol terug Thuis zou verwelkomen.

Het vereist natuurlijk discipline en focus in het doen van de dagelijkse werkboeklessen om dit prettige principe tot je dagelijkse ervaring te maken. Kijk bijvoorbeeld nog eens naar Lessen 228 en 227 in het Werkboek: “God heeft mij niet veroordeeld. Ik doe dat evenmin” (Wd2.228), en “Dit is het heilig ogenblik van mijn bevrijding” (Wd2.227). Ik citeer hier het lieflijke gebed uit de laatstgenoemde les: “Vader, vandaag ben ik vrij, omdat mijn wil de Uwe is. Ik dacht een andere wil te maken. Maar al wat ik los van U gedacht heb, bestaat niet. En ik ben vrij, omdat ik me vergist heb en mijn eigen werkelijkheid allerminst met mijn illusies heb beroerd. Nu geef ik ze op en leg ze aan de voeten van de waarheid neer, opdat ze voor eeuwig uit mijn denkgeest kunnen worden weggenomen. Dit is het heilig ogenblik van mijn bevrijding. Vader, ik weet dat mijn wil één is met die van U” (Wd2.227:1).

Zo wordt mij verzekerd dat ik zeer wel in staat ben om mijn naaste lief te hebben zoals mijzelf. Hiertoe kan ik de hulp van de Heilige Geest aanroepen om de duisternis in mijn eigen denkgeest mild ongedaan te laten maken. Dat betekent overigens beslist niet dat ik de wereld de rug zou moeten toekeren en een monnik of non zou moeten worden. Integendeel: de Heilige Geest kan jou en mij ertoe aanzetten heel actief te zijn in deze wereld. Met dat verschil dat mijn denken en handelen voortaan geleid zal worden vanuit de Stem namens Liefde, en niet vanuit het immer veroordelende ego. Dat is de koninklijke weg terug naar de blijvende vrede die mijn natuurlijk erfgoed is. Dus in plaats van het projecteren van mijn eigen haat, aanval en afscheidingswens, breid ik nu Liefde uit, waarmee ik anderen uitnodig hetzelfde te doen. En waar ik liefde schenk, zal ik liefde ontvangen. Probeer het vandaag. Probeer het nu. Fijne dag!

— Jan-Willem van Aalst

2 gedachten over “Heb uw naaste lief als uzelf”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s